Digitale democratie moet je willen

08/05/2008 - Uit onderzoek van Ernst & Young naar ‘digitale democratie’ blijkt dat vier op de vijf Nederlanders via internet wil meepraten over gemeentebesluiten. Evenveel burgers zouden gebruik willen maken van stemmen via internet bij landelijke-, provinciale- en gemeenteraadsverkiezingen. Maar is dat überhaupt mogelijk en betrouwbaar? Wat zijn de voor- en eventuele nadelen? Politiek Online zet er een aantal op een rij.

Inspraak is een veel gebruikte term. Bij inspraak vraagt een overheid advies van de burger:  hoe zou u dit onderwerp willen aanpakken? Actieve burgers komen met suggesties. Soms met hele goede en doordachte suggesties, soms met wat minder onderbouwde opmerkingen.  Bestuurders krijgen wat ze willen, feedback van de burger, maar wat gebeurt er verder mee? Wordt die inbreng nu daadwerkelijk in concreet beleid omgezet? Lang niet altijd.

Het is makkelijk om het advies van de burgers links te laten liggen. Daardoor neemt het vertrouwen in het bestuur echter af. Een belangrijke voorwaarde voor digitale democratie is dan ook daadwerkelijk in gesprek gaan met burgers. Beleidsmedewerkers kunnen op die manier laten zien waarom sommige voorstellen niet kunnen. Ook kunnen ze argumenten aanreiken, die betrokken burgers kunnen overtuigen.  Een burger voelt zich op dat moment serieus genomen.

Kracht van internet
Internet is al jaren hét medium, dat ingezet wordt om de kloof tussen burger en overheid te dichten. Maar kan internet in deze samenleving nu echt een bijdrage leveren aan inspraak?  De voordelen van een dialoog via internet zijn legio. Allereerst  is het een gemakkelijke, en laagdrempelige manier om je mening te verkondigen. Het is tijd- en plaatsonafhankelijk. En, om het maar eens populair te zeggen: er is altijd wel iemand ‘daar buiten’, die slimmere oplossingen gevonden heeft. Tot slot zijn netwerken op internet snel te raadplegen als het om specifieke interesses gaat.

Aan de andere kant heeft internet ook nadelen. Soms lijkt inspraak wel té makkelijk. Internet is ook anoniem. Moet je als bestuurder de opmerking over de doodstraf van Keesje_0012 echt serieus nemen? Je weet immers niet wie er achter de naam schuilgaat. En als uit een poll blijkt, dat oplossing X of Y massaal gekozen wordt, hoe betrouwbaar zijn die cijfers dan? Zit Keesje_0012 niet zelf een avond lang op ‘eens’ te klikken?

Om dit tegen te gaan, zijn veel technische oplossingen voorhanden. M aar stel nou dat Keesje_0012 een veel bezochte weblog heeft. Waarop hij vertelt over zijn bijdrage over de doodstraf. Snel genoeg zal hij deze kring van bezoekers kunnen gebruiken, of misbruiken, om zijn stempel op het onderwerp te drukken. Hoe gedragen is dat beleid dan?.

Van ‘kwaad’ naar kans
Toch kun je als modern bestuurder niet meer om de mening van Keesje_0021 heen. De hedendaagse burger weet hoe hij zijn of haar mening via internet op de agenda moet krijgen.  Dus is het de taak van de moderne bestuurder en beleidsmedewerker om de onderwerpen juist online te agenderen en erover in discussie te gaan. Laat zien waarom je een voorstel liever links laat liggen. Geef argumenten tegen het voorstel. Maar blijf er vooral serieus mee omgaan, ook al is de intentie van de bijdrage dat niet. Als je als bestuurder deze suggestie links laat liggen zal de burger dit kinderachtig vinden en weinig vertrouwen hebben in burgerparticipatie en loopt je imago schade op. Zoek je tegenstander op, maar honoreer ook je potentiële medestander. Geef bijvoorbeeld aan dat bestuurlijke dilemma’s heel wat ingewikkelder in elkaar steken, dan rechttoe-rechtaan oplossingen. Slim luisteren, slim zenden en slim in gesprek gaan, noemt Politiek Online dat. Dan maak je gebruik van de kracht van internet.

Zelf ook participeren
Trots op Nederland (TON) heeft de scherpe rand van internet ondervonden. Door een ‘wiki’ te openen was het voor de aanhangers van Rita Verdonk mogelijk om inspraak te hebben op het partijprogramma van TON. Toen de weblog GeenStijl achter dit initiatief kwam, volgde een golf van postings op haar partijprogramma. Dit bleek niet de inbreng waar zij op had gehoopt. Haar team heeft zo snel mogelijk de applicatie van haar website gehaald. Hetgeen weer leidde tot een stortvloed aan negatieve reacties.

Natuurlijk is dit een extreem voorbeeld. Maar het is belangrijk dat je rekening houdt met de afbreukrisico’s die aan een internetdialoog kleven.  Een internetdialoog slaagt, als er zorgvuldig mee om gegaan wordt. Je moet stevig in je schoenen staan en het achterste van je tong durven laten zien. Je moet in staat zijn om goede suggesties over te nemen. En een sterke argumentatie om andere voorstellen te weerleggen. Het vraagt kortom, volledige betrokkenheid bij de discussie. In die zin lijkt internet net een ‘echt gesprek’. Internet is niet iets dat je ‘er maar even bij kunt doen’.

Delicious Bookmark this on Delicious

buiten:
twitter
twitter
PolitiekOnline: RT @jasperludolph: Vereerd! De Parade springt in op zomerstop Meet & Tweet. Way to go, @deparade! http://tweetphoto.com/33804952
07/20/10 11:16
delicious
twitter
Wis je Social Media geschiedenis
Sommige mensen vinden het vervelend dat er over ze wordt gepraat online. Sommige mensen zeggen wel eens dingen waar ze later spijt van hebben. Voor al die mensen is er straks Vanish. Oftewel: data met houdbaarheidsdatum. Sterk!
[vanish : selfdestructingdata : socialmedia]
10/27/09 13:42
weblog
Strakke topjes en een aardbeving
Een prachtig voorbeeld van glocalisering is de Boobquake die de Amerikaanse Jennifer McCreight (22), studente genetica en evolutie aan Purdue Universi...
05/06/10 14:37
NieuwsbriefNieuws
brief


Prinses Mariestraat 36
2514 KG Den Haag
Telefoon: 070-3629797
Fax: 070-3454541