03/04/2009 - In het zonnige Rotterdam verzorgde Politiek Online een workshop tijdens de Jonge Ambtenaren Dag 2009. In de benedenzaal van het Douanemuseum gingen we met een groep van een kleine twintig ambtenaren in gesprek. In onze presentatie hadden we aandacht voor nieuwe sociale structuren, het veranderende medialandschap en de gevolgen voor het politiek-bestuurlijke bestel.
De wisselwerking tussen oude en nieuwe media en de opkomst van web 2.0 vergt aandacht van de overheid. Met name sociale media verandert het speelveld. Denk aan voorbeelden van sociale netwerken als Hyves, LinkedIn en Twitter. Maar ook ontwikkelingen als collectieve intelligentie, zoals Digg.nl en Wikipedia, zijn dan van belang. Er is bij web 2.0 vaak sprake van zogenaamde Mash Ups, bijvoorbeeld een combinatie van ‘locatie met data’ (Googlekaart met dichtstbijzijnde restaurant).
Na deze aftrap is er kort geschetst hoe de politiek-bestuurlijke verhoudingen veranderen. Onderzoekers als Castells wijzen op de “voortdurende stroom van informatie” die internet biedt. Deze information overload zorgt er voor dat burgers en politici vaak door de bomen het bos niet meer zien. Sterker nog, de hoogleraren Bovens en Frissen stellen dat de hedendaagse burger op zoek is naar ordening en duiding. Daarbij bepaalt de betrouwbaarheid, status en invloed van de afzender de waarde van de informatie. Als deze betrouwbaar wordt geacht, is er snel sprake van grote invloed. In die zin heeft de overheid, als zij leert om te gaan met interactiewetten op internet, veel kansen.
Daarbij komt dat de samenleving zelf ook actiever wordt: het organiseren van belangen wordt gemakkelijker en gebeurt vaak in one-issue settings. De sociologen Duyvendak en Hurenkamp stellen dat burgers zich organiseren in communities ‘Lite’: losvaste tijdelijke verbanden, meestal one-issue georiënteerd. Daarmee oefenen ze snel en effectief invloed uit op het overheidsproces. De overheid vindt het lastig om goed om te gaan met deze actieve one-issue organisaties: de beleidsdossiers van de overheid zijn dusdanig complex. Dat iedere beleidsmaatregel altijd op een relatief grote groep voor- en tegenstanders kan rekenen. Dat kan verlammend werken op de overheid, zo stelt Mirko Noordegraaf. David Mosse voegt daar de notie aan toe dat de werelden van beleid en praktijk ver van elkaar af staan: de wereld van ‘beleid maken’ is een andere wereld, dan de implementatie van beleid.
Enerzijds organiseren burgers zich steeds vaker op one-issue zaken. Stophostel.nl is daar een voorbeeld van. Op die website wil een belangencomité van omwonende in de gemeente Dordrecht informatie verstrekken over het plaatsen van een woning voor dakloze drugsverslaafden. Daarnaast zien we dat ook omroepen en maatschappelijke organisaties de handen ineen slaan, zoals VPRO’s Landroof laat zien. Anderzijds zijn er ook voorbeelden waarin de overheid samen met experts en burgers over beleidscasussen nadenkt of plekken ontwikkelt. Wijbouweneenwijk.nl in Smallingerland is zo’n goed voorbeeld, maar ruimtemakenvoorbrabant.nl ook. Door middel van een strategie van slim luisteren, slim zenden en slim in dialoog is de overheid in staat om samen met experts en burgers nieuwe netwerken te bouwen en te onderhouden. Aan jonge ambtenaren de schone taak, om de overheid die rol te laten krijgen.














