Burgerparticipatie vereist snellere overheid

09/06/2011 - Na een loopbaan langs TNO en het ministerie van BZK waar hij verantwoordelijk was voor eParticipatie en de Open Overheid stimuleerde, werkt Arnout Ponsioen momenteel voor Politiek Online, Second Sight interviewde hem over burgerparticipatie en online communicatie.

“Burgerparticipatie is na jaren stimuleren door ministeries nu op een veel lokaler niveau aangeland. Daar staat het inmiddels goed op de agenda”, zegt Ponsioen. “Een duidelijke ontwikkeling is dat binnen burgerparticipatietrajecten inzet van online middelen steeds vaker gewenst is en ook voorzichtig wordt toegepast. In die zin is online ook veel meer ingeburgerd. Letterlijk en figuurlijk. Ook de burger werkt er inmiddels dagelijks mee: technologisch hoeft er geen drempel meer geslecht te worden.”

Welke drempels zijn er dan nog wel?

“De grootste drempel die ik zie is dat de bestaande cultuur en structuur ook om moet en dat die in veel gevallen niet meebeweegt. Daar is nog veel meer uit te halen en dat is ook nodig: we willen voorkomen dat degenen die meedoen teleurgesteld raken. Zodra burgers participeren, is het van belang dat er ook echt iets mee gedaan wordt of nog beter: dat zij er zelf ook echt iets mee kunnen en mogen doen.”

Welke trends zie je in dit vakgebied ten aanzien van participatie?

“Tot nog toe zagen we veelal dat participatie gelijkgesteld kon worden met consultatie. We leggen ons beleidsmatige oor – al dan niet plichtmatig – te luister bij de burger en gaan dan vooral door met de weg die we in waren geslagen. Inmiddels is burgerparticipatie steeds meer een volwaardig middel en voorwaardelijke vorm om werkelijk samen aan de slag te gaan. Hoewel het accent nog steeds ligt op consultaties waarbij het initiatief ligt bij overheden, ontstaan er in de samenleving ook steeds vaker initiatieven die een geheel eigen koers varen en waar het voor overheden de uitdaging is om op aan te sluiten. Dat vereist een fundamentele kanteling waarin de overheid zich zal moeten schikken in een meer faciliterende rol op procesniveau.”

Er zal een nieuwe set van regels ontstaan hoe we met elkaar omgaan?

“Ja, dat klopt. Nu verzanden discussies over burgerparticipatie nog vaak in ingewikkelde discussies over wat wel en niet ‘mag’. Dat laatste uit zich extra sterk als het over online middelen gaat: mag een ambtenaar zich actief mengen in een discussie? Hoe zit het met de ministeriële verantwoordelijkheid? Ambtenaren voelen zich soms klem staan tussen wat kan en wat mag. En het gevoel klem te staan wordt nog vergroot door het feit dat het openbaar bestuur en de politiek onder druk van mondiale en nationale ontwikkelingen ondertussen behoorlijk aan legitimiteit hebben ingeboet. De macht is herverdeeld en deels terecht gekomen bij de Europese Unie, de rechter, maatschappelijke organisaties, de ambtenarij en, niet te vergeten, de geëmancipeerde burger.”

De oude set van regels en de nieuwe set van regels passen niet op elkaar…

“…En dat geeft spanning. Je moet het zo zien dat de inzet van online middelen een meer horizontale wereld binnen de muren brengt. Die past heel vaak niet op de verticaal georganiseerde wereld van veel overheden en maatschappelijke organisaties. De uitvoerende laag is soms werkelijk benieuwd wat burgers vinden en willen. Ook de ‘top’ heeft daar doorgaans de ambities en de interesse voor, maar juist de groep die risico’s moet afdekken en die de verbindende schakel tussen de top en ‘bottom’ zijn, heeft een probleem. Het is juist het middelmanagement dat met de implicaties van burgerparticipatie worstelt.”

“De online mogelijkheden vragen van bestuurders en ambtaren dat zij veel sneller en ook cyclischer dienen te reageren, bij voorkeur real time. Dat is niet alleen technisch mogelijk, maar sociaal-cultureel gezien ook wenselijk. Online dialogen groeien op deze manier steeds sterker in de richting van een ‘echt’ menselijk gesprek. Dat zullen we in de toekomst dan ook steeds vaker zien. Maar succesvolle toepassingen zijn pas mogelijk als ook de organisatiecultuur meebeweegt. De structuur moet in de basis worden aangepast: van verticaal naar horizontaal, besluitvorming meer terugleggen bij specifieke doelgroepen, meer ruimte geven aan eigen initiatief, et cetera.”

Hoe zie je die transitie voor je?

“Er doet zich een paradigmawisseling voor; van leven binnen duidelijk afgebakende kleine gemeenschappen naar het benutten van de kansen en mogelijkheden van de networksociety. ‘Communities lite’ zijn daar een uitvloeisel van. Mensen sluiten een coalitie voor de korte termijn op één issue. Doordat communicatie niet meer tijd- en plaatsgebonden is, zijn mensen in staat om over grotere afstanden contact met elkaar te maken en te onderhouden. De veranderende media zorgen er voor dat er extra druk staat op deze verhoudingen. Met name de opkomst van social media zorgt ervoor dat er een maalstroom aan meningen te vinden is.”

“Organisaties en ook hun medewerkers zijn daarbij steeds beter connected, ook online via bijvoorbeeld Linkedin. Die kruisbestuiving via netwerken (weak ties) kan nog veel meer worden benut. Dat betekent bij elk participatieproces goed nadenken op welke manier je gaat aanhaken bij de bestaande omgeving (slim luisteren, slim zenden, slim in dialoog). Actief zoeken naar energie en ideeën en die betrekken en benutten en vooral ook bij die ideeen aansluiten. Dat betekent: naar buiten toe en op pad!”

Welke participatieve ontwikkeling was vroeger ondenkbaar geweest?

“De ontwikkelingen op het vlak van online open data en visualisaties. Er is nu een sterke roep om openheid van overheidsinformatie op basis waarvan anderen analyses en visualisaties maken. Dat kon vroeger helemaal niet. Nu laten we de hacker van vroeger eigenhandig binnen en laten hem steeds vaker zijn eigen mash-ups en apps bouwen met behulp van de data die voorheen totaal gecontroleerd maar ook vrijwel ongebruikt op een harde schijf bleef staan. Heel interessant, want je maakt zo gebruik van de energie in de samenleving.”

“Tegelijkertijd is het heel erg spannend, want je gaat ook met de billen bloot en hebt minder regie op de duiding van je eigen gegevens. Het gekke is dat je veel meer uit burgerparticipatie kunt halen als je de teugels van controle en beheersing veel meer laat vieren. Die houding zie je steeds meer naar voren komen. Voor een deel nog latent aanwezig, maar het besef is er. Nu is het zaak om in de praktijk de volgende stap te gaan zetten.”

Door: Guido van de Wiel in Second Sight

Delicious Bookmark this on Delicious

buiten:
twitter
twitter
ton_baetens: "Wat de gedoogpartners in zeven weken niet klaarspeelden, lukte D66, Groen Links, ChristenUnie, VVD en..." http://t.co/2cCzUW4F
04/27/12 07:31
weblog
Maatschappelijke dialoog megastallen – gecompliceerd thema onderwerp van online dialoog
In opdracht van het ministerie van EL&I is Politiek Online nauw betrokken geweest bij de maatschappelijke dialoog megastallen, die de afgelopen tw...
07/01/11 15:08
NieuwsbriefNieuws
brief


Prinses Mariestraat 36
2514 KG Den Haag
Telefoon: 070-3629797
Fax: 070-3454541